U bevindt zich hier: Startpagina // Nieuws en activiteiten

Voordracht bij presentatie laatste nummer

Diashow

Op zaterdag 24 december 2017 werd het allerlaatste nummer van POËZIEPUNTGL gepresenteerd in cultuurcafé Kreek in Oosterbeek. Het mooi vormgegeven kwartaalblad bood 15 jaar lang een podium aan Gelderse dichters.

Tijdens de presentatie droegen diverse dichters voor, onder wie Sander Grootendorst, Peter J.R. Vermaat, André van Gessel, Hans Rothuizen, Geert Zomer, Louise Broekhuysen, René Hillenaar, Bertje van Delden, Anna Wiersma, Sjef Welling, Peter W.J. Brouwer, Niek Hietbrink en Louis Radstaak.

Laurens Hoevenaren selecteerde voor zijn voordracht drie gedichten die alle in het teken stonden van poëzie, dichters en afscheid:
‘Zinnelijk’ waarvoor hij in Oudenaarde (B) de Jotie T’Hooft poëzieprijs ontving,

‘Laat ons de woorden zien’ opgedragen aan te vroeg gestorven dichters (Wim Brands, Rogi Wieg, Joost Zwagerman), dat opgenomen is in de bundel “Toch nachtegaal, zing voort” (de 100 beste gedichten uit de Turing Gedichtenwedstrijd 2016) en ten slotte het gedicht dat in het laatste nummer van Poëziepuntgl is opgenomen:
Metamorfosen: “Omnia mutantur, nihil interit”: Alles verandert, niets vergaat (Ovidius).

Hij droeg dit gedicht op aan de redactie van Poëziepuntgl en alle dichters die daarin publiceerden. Hij vertelde dat het afscheid van Poëziepuntgl hem melancholiek stemde, en dus troostte hij zich met de gedachte die Ovidius al in zijn Metamorfosen schreef: Alles verandert, niets vergaat. Hij hoopte dat de Gelderse dichters steeds opnieuw mogelijkheden zouden vinden om van zich te laten horen, ergo ‘om van nimf laurier te worden.’

Metamorfosen: “Omnia mutantur, nihil interit” (*)

We schudden regels uit en kropen
in de huid van ingedroogde levens,
prepareerden onze woorden, speldden hen
als kevers op de lakens
waarin gemeenschapsgeur nog hing.

(Hoe harder het pantser
des te beter wordt de vorm
bij droging behouden;
men prikt daarbij niet in de middellijn
van het insect om te voorkomen
dat de kern beschadigd raakt).

Zo zijn vitrines jarenlang door ons gevuld:
vlindervleugels op een spanplank.

Wie kent straks het dekschild van de beelden,
prikt door onze woorden heen,
schudt onze contouren
uit bedrukte lakens?

Hoe komt een nimf nog tot laurier?

Laurens Hoevenaren

Opgedragen aan de redactie van Poëziepuntgl en alle dichters die daarin publiceerden ter gelegenheid van de verschijning van het allerlaatste nummer jaargang 15 - nummer 4 - december 2017


(*)Ovidius (uit Metamorfosen): Alles verandert, niets vergaat

Voor meer informatie